Plusprojecten

Plusprojecten

Naast de gezamenlijke aanpak en campagne van het project zijn er ook nog een paar zogehete Plusprojecten. Dit zijn keuzemodules waar gemeenten voor konden kiezen, en waarmee zij vervolgens in hun eigen gemeente aan de slag gaan.

Hieronder een overzicht van de 5 projecten.

Project 1: relatie zwerfafval en inzameling/middelen

In dit project wordt de focus gelegd op het voorkomen van het ontstaan van zwerfafval rondom de afvalinzameling en de inzamelmiddelen. Hieronder worden de (ondergrondse) afvalbakken alsmede de minicontainers of huisvuilzakken ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk- en bedrijfsafval verstaan. Omdat het ontstaan van zwerfafval bij inzamelmiddelen, naast de wijze van inzameling, sterk samenhangt met het inkomensniveau en de bevolkingsdichtheid, speelt dit bij bepaalde gemeenten meer dan bij andere.

Er is aangetoond dat het ontstaan van zwerfafval onder andere sterk samenhangt met de wijze van inzameling van huishoudelijk afval. Ook in de Gooi en Vechtstreek blijkt het ontstaan bij de afvalinzameling een probleem te zijn (vooral rondom de inzamelmiddelen). Een snelle winst kan bijv. al behaald worden door de logistiek van de gewestelijke afvalinzameling en de gemeentelijke reiniging beter op elkaar af te stemmen.

Het ontstaan van zwerfafval rondom inzamelmiddelen ten behoeve van de inzameling van huishoudelijk- en bedrijfsafval openbaart zich vooral in de vorm van bijplaatsingen en morsing bij de diverse soorten (collectieve) afvalcontainers en bij de zakkeninzameling in de stadscentra. Aangezien de inzameling van huishoudelijk afval al gewestelijk is georganiseerd, liggen er goede mogelijkheden om gezamenlijk te onderzoeken hoe het ontstaan van zwerfafval rondom de inzamelmiddelen kan worden teruggedrongen.

Project 2: opschalen en structureren participatie bij schoonmaakacties

In diverse gemeenten en bij de natuurbeheerorganisaties nemen bewoners, bedrijven en/of bezoekers veelal op eigen initiatief deel aan schoonmaakacties. Veel vertegenwoordigers geven aan dat hierin meer potentie zit. Door de organisatie en coördinatie gezamenlijk in gewestelijk verband te regelen, kunnen meer mensen worden bereikt.

Dit sluit ook goed aan bij de wens om met een gezamenlijke leus de zwerfafvalaanpak goed op de kaart te zetten. Als alle beheerders samenwerken, is er ook meer aandacht voor het project in de media met als positief neveneffect dat meer bewoners en bedrijven worden bereikt en wellicht deelnemen aan de schoonmaakacties. In het bijzonder voor GNR en Natuurmonumenten zijn dit goede gelegenheden om aan te haken.

Het is de bedoeling om in zoveel mogelijk gemeenten een jaarlijkse opruimdag te organiseren. Deze dag kan bijvoorbeeld plaatsvinden op dezelfde dag als de landelijke opschoondag (medio maart). Zo kan ook gebruik worden gemaakt van de landelijke publiciteit. De schoonmaakdag biedt bij uitstek mogelijkheden om de gezamenlijke aanpak te promoten.

Project 3: meten op straat

Beeldkwaliteit als indruk is leuk, maar deze moet ook gemeten kunnen worden. Zeker als we duidelijkheid willen over de resultaten van het zwerfafvalproject. Hoeveel zwerfafval lag er in de regio aan het begin van het project, en hoeveel ligt er aan het eind van het project?

Om beelden te kunnen gebruiken voor de planning- en controlecyclus én om communicatie betekenis te geven, moet er gemeten worden. Voor het bepalen van de beeldkwaliteit (eventueel in combinatie met de samenstelling van het zwerfafval) op straat kan een (burger)schouwmethodiek ontwikkeld worden. De beheerders kunnen zelf hun objectindeling, gebiedsindeling en gewenste kwaliteitscriteria samenstellen. Verder is een eventuele stap naar het opdrachtniveau eenvoudig te maken. Dit project biedt bij uitstek gelegenheid om participatie van bewoners bij zowel het formuleren als het toetsen van de doelstellingen te stimuleren.

Project 4: afvalbakken

Meer dan het geval is bij keuzeproject 1, wordt gekeken hoe met afvalbakken zwerfafval kan worden teruggedrongen. Afvalbakken spelen namelijk een belangrijke rol bij het voorkomen van zwerfafval: een goede afvalbakkeninfrastructuur kan de hoeveelheid zwerfafval tot 50% verminderen!

Uit de inventarisatie van de zwerfafvalproblematiek kan bijvoorbeeld naar voren komen dat de afvalbakkeninfrastructuur in het gewest niet op orde is. Ook zonder een inventarisatie uit te voeren kunnen hiervoor al sterke aanknopingspunten zijn. De bakken kunnen te vol zijn, in slechte staat verkeren of op de verkeerde plekken staan.

Een afvalbakkenproject heeft twee primaire doelen:

  • het verminderen van de hoeveelheid zwerfafval
  • het efficiënter beheren van de afvalbakkeninfrastructuur

Het mooie aan een afvalbakkenproject is dat een burger direct kan zien én ondervinden dat de gemeente middelen inzet om de zwerfafvalproblematiek te verminderen. Daarnaast is een goede afvalbakkeninfrastructuur een absolute voorwaarde alvorens kan worden overgegaan tot het aanspreken van mensen op vervuilend gedrag: zij moeten wel de gelegenheid hebben om hun afval kwijt te kunnen. Dit is een taak voor de gemeente, het Goois Natuurreservaat en Natuurmonumenten!

Project 5: ontwikkelen peukenbeleid

Peuken op straat leveren niet alleen een zwerfafvalprobleem op, maar ook een ernstig milieuprobleem. Het is ongezond voor mens, plant en dier. Door het rookverbod in de horeca, neemt het aantal peuken op straat toe.

Voor zwerfafvalcategorieën die niet onder noemer 'verpakkingsmateriaal' vallen, wordt op landelijk niveau contact gezocht met de betreffende bedrijven om samen oplossingen te ontwikkelen voor categorieën als sigarettenpeuken, kauwgom, bankenbonnetjes, kranten, papierwaren, flyers, etc.
Deze oplossingen vereisen vooral ‘maatwerkdenken' omtrent de gecombineerde inzet van voorzieningen, voorlichting en verbaliseren. Ook wordt een dringend appèl gedaan op de eigen verantwoordelijkheid van burgers en bedrijven. Bij de uiteindelijke implementatie van oplossingen is vrijwel steeds een belangrijke rol weggelegd voor de (veelal gemeentelijke) beheerder.

Een succesvolle aanpak van extra peukenoverlast door het rookverbod steunt in ieder geval op de volgende drie pijlers:

  • Educatie/communicatie: rokers ervan doordringen dat peuken op straat ernstige milieuschade en extra rommel opleveren.
  • Asbakkenbeleid: met bijvoorbeeld adequate asbakken (extra zichtbare asbak), duidelijke bewegwijzering naar de rookzone, tijdig legen en goed schoonhouden van de omgeving worden rokers aangemoedigd om hun afval niet op straat te gooien.
  • Handhaving: een succesvolle aanpak kan niet om preventieve maatregelen en ‘straffen' heen. Een redelijke pakkans is onmisbaar als stok achter de deur.

print